Het juiste antwoord op het DE/HET tweestrijd is …. ze zijn allemaal goed! Deze zelfstandige naamwoorden kunnen zowel ‘de’ als ‘het’ als lidwoord hebben, alleen de betekenis zal dan verschillen:
1. de blok (klomp) – het blok (hout)
2. de doek (lap) – het doek (schilderij)
3. de gift (geschenk) – het gift (vergif)
4. de golf (in zee) – het golf (sport)
5. de jacht (jagen) – het jacht (schip)
6. de koper (persoon) – het koper (metaal)
7. de lichtgewicht (bokser) – het lichtgewicht (klasse)
8. de mens (man en vrouw) – het mens (vrouw)
9. de Portugees (persoon) – het Portugees (taal)
10. de punt (stip) – het punt (spits)
11. de zesde (klas) – het zesde (deel)
12. de bos (bundel) – het bos (woud)
13. de aas (kaart) – het aas (lokaas)
14. de fret (boor) – het fret (dier)
15. de voetbal (bal) – het voetbal (spel)
16. de stof (vuil) – het stof (goed)
17. de aal (paling) – het aal (bier)
18. de vat (houvast) – het vat (ton)
19. de toeval (ziekte) – het toeval (kans)
20. de fortuin (geluk) – het fortuin (geld)
21. de slag (klap) – het slag (soort)
En er zijn nog meer woorden die je zowel de/het kunt gebruiken.
Dit stuk is speciaal bestemd voor diegene die zich (nog) afvragen waarom er mensen (zoals ik) moeite hebben met de woorden ‘de’ en ‘ het’.
Conclusie: onlogische dingen kan je moeilijk leren, alleen maar proberen te onthouden.
Sponsors – Uw logo/link hier toevoegen? Mail me




