Het begin

Ingezonden stuk door Rob Peters.

Madeira – oftewel “De Parel van de Atlantische Oceaan”. De naam van het eiland hebben we te danken aan de Portugezen toen ze zeshonderd jaar geleden tijdens een storm letterlijk “verzeild” raakten op de woelige golven van de oceaan. Ze waren op weg, of moeten we zeggen op zee, om via Marokko verder Zuidwaarts te reizen, zoekend naar een manier om China te vinden. Het eiland en de omgevende eilandjes waren niet bewoond. Ze konden het van verre af al zien, want na wat trigonometrie bleek de hoogste berg 1800m boven de zeespiegel uit te steken. Na een rondje waarbij ze eigenlijk alleen maar bomen zagen, en geen strand om te landen, bedachten ze de naam. Eureka! Madeira(hout).

De kapitein, ene meneer Zarco, liet een roeibootje neer en zette voet aan wal. Daarbij verstuikte hij zich bijna, want van een strand kon je niet spreken. Het was een plateautje van ronde rolling stones van allerlei afmetingen die het er niet makkelijker van maakten om landinwaarts te gaan. De pater aan boord moest er ook bij om een mis te verzorgen. Godzijdank hadden ze het totnutoe overleeft en konden ze meteen het gebied als ontdekt beschouwen en voor de koning (back home) eigen maken.

Er gingen wat tientallen jaren voorbij om het eiland enigszins leefbaar te maken en omdat tijd in die periode nog ruimschoots voorhanden was en er toch niemand was om boetes op te leggen, staken ze de hele boel maar in brand. Men zegt dat het vijftig jaar lang in lichtelaaie stond; een feest voor pyromanen. Gelukkig bleven ondanks alles, verscheidene inheemse planten en boomsoorten, nog uit de tijd van de Dinosaurus, behouden.

Uiterst langzaam werd het eiland Madeira en dat van Porto Santo bevolkt met misdadigers, piraten, pyromanen en ander gespuis maar even zo langzaam met edellieden, paters en nonnen. Een agrarische gemeenschap ontstond. Er werd wijn gemaakt. Geiten, varkens en kippen geïmporteerd. Met al het heen en weer varen van ontdekking schepen van en naar en om Afrika en uiteindelijk het verre Oosten –oh zo ver—kwam op een keer een schip dat wat suikerriet planten aanvoerde. Suiker werd een zeer gewild product in Europa. Madeira had het klimaat, de grond en de energie (hout dus)om suiker te maken. Je kon er, goedkoper dan met honing, dingen mee zoet maken of zelfs alcoholische dranken. Vandaar dat totnutoe de meeste Maderezen ver in het glas kijken, om te zien of er nog wat in zit.

Een andere meneer – geen Portugees –ene Columbus kwam een kijkje nemen. Bleef een jaar of wat in Porto Santo. Daar was wel een lekker strand en de dochter van de gouverneur was ook niet te versmaden. Het was een pientere vent en hij trouwde met het deerne, niet nadat hij op de theorie stuitte, dat de aarde rond was (dat kon hij zien vanaf het strand, want als de schepen wat verder over de horizon waren kon je de romp niet meer zien maar wel nog de zeilen ). En een jaar of wat later stak hij de stoute schoenen of laarzen aan en stak ook die oceaan over. Hij wist in welk seizoen hij moest vertrekken om de wind méé te hebben. Maar hij was wel te stom om het verschil tussen Chinezen en Indianen niet te zien Nog stommer waren de Portugezen die vrouwe Fortuna hadden laten ontsnappen.

(wordt vervolgd)

Leave a Reply