Category Archives: Gast Blogger

De redding

Ingezonden stuk door Rob Peters.

Als de nood het hoogst is, is de redding nabij.

Eerst kwam de revolutie. Na 50 jaar dictatoriaal bewind vanuit Lissabon was het eindelijk zo ver. Portugal was haar koloniën (zakcent) kwijt. En moest zich aansluiten bij de internatioale gemeenschap. Het land werd opgenomen in de Europese Unie. Madeira was er als de kippen bij om centen te vangen voor infrastruktuur. De plannen lagen keurig klaar toen het geld beschikbaar kwam en zo kon de geldstroom binnenlopen en net als het water van de “levadas” werd het over het hele eiland verspreid.

Het vliegveld werd vernieuwd. De landings/startbaan moest worden verlengd; maar hoe? Langs de kustlijn, half in zee op zo´n 50 meter hoogte. Op betonnen palen! Het project moest worden bekeken in Delft, want die weten daar van waterwerken. Na veel omhaal (er moest een hotel omgehaald –geïmplodeerd- worden). Nu kunnen de Airbussen en Boeing 707´s binnenkomen.

Hotels werden gebouwd. Vijf sterren, vier sterren, drie sterren enz. Toeristen konden eindelijk met drommen een kijkje komen nemen.

De haven werd uitgebreid en cruiseschepen begonnen aan te leggen, op weg naar de Canarische eilanden of, zoals Columbus indertijd, naar het Caraibische gebied.

Vele toeristen werden bewoners of overwinteraars ; kochten een flat of bouwden een huis. De bouwindustrie kreeg met al die bedrijvigheden een boom-periode. Werkkrachten werden aangetrokken uit Afrika, Zuid-Amerika (Brazilianen), Oost-Europa. Ook die moesten worden gehuisvest. En zo werd in één generatie een totaal nieuw gezicht geschapen. Een nieuwe bron van inkomen. De ekonomie had een kans voor een betere toekomst. En nu ligt het er maar aan of de politiek en de mentaliteit van de homo madeirensis die kans goed kan benutten. Totnutoe, met de subsidies van de EEG, ging alles goed. Of dat op de lange duur zo zal blijven doorgaan is een open vraag. Let´s hope for the best.

(wordt vervolgd)

Even doorsukkelen

Ingezonden stuk door Rob Peters.

We besluiten een tourtje maken met de auto. Funchal is een stad van 125000 inwoners. De andere 125000 wonen verspreid over de rest van het eiland in dorpjes, meest aan de Zuidkust. Funchal is een groot amphitheater, waarbij de haven het podium voorstelt. Vanuit de hoge bergen als achtergrond, stroomt zoet water de haven in. De stad viert dit jaar haar 500ste verjaardag. In de laatste 30 jaar zijn er vele veranderingen aangebracht (omdat het nu autonoom is) .Geld kwam binnenstromen vanuit de EEG om het op peil te brengen met de rest van Europa. De infrastruktuur, vooral wegen moesten worden aangepast. Tientallen kilometers tunnels, bruggen en nieuwe wegen werden aangelegd om het binnenland beter bereikbaar te maken. Watervoorziening, riolen, elektriciteit enz werden verbeterd. Ontoegankelijke oorden kwamen plotseling in de mainstream.

Boertjes die maar zelden een auto hadden gezien kregen van de ene dag op de ander een snelweg voor de deur.Hun grond werd in één klap veel meer waard. Verkopen die hap. Auto kopen; nieuw huis bouwen. Nouveau riche! En hoewel nog steeds 30% niet kan lezen of schrijven, kunnen ze wel een kruisje zetten onder het kredietkontrakt van de bank. Rijbewijs halen, wel of niet kunnen lezen, doet er niet toe. Achter het stuur en gas op de plank, glaasje wijn erbij om moed te scheppen. Gevolg: 100 –vaak dodelijke- ongelukken per week. M.a.w. tussen de oren is homo Maderensis minder snel geëvolueerd dan de z.g. progress. Tourtje met de auto maken is dus een riskante gok. Maar toch de moeite waard. Het eiland is slechts 60Km lang en 30Km breed, maar in het midden 1800m hoog. Een vergrootte uitvoering van homo Maderensis liggend in zee. Het landschap is uniek, de vegetatie ook, van tropisch aan de kust tot ijzig en rouw in de bergen. Dat heeft zijn voordelen. Die bergen vangen veel regen en vocht. Watervallen, stroompjes kletteren naar beneden. Water voor de boertjes.

Over de laatste paar honderd jaar werden kanaaltjes aangelegd (Levadas) Langs bergwanden met de hand uitgehouwen; door bergen via tunnels. Het werk om dit klaar te spelen is vergelijkbaar met de bouw van de Romeinse aquatucten. Maar temeer bewondingswaardig omdat het terrein moeilijk en de werkkracht klein was. De boertjes konden hun produkten kwijt aan de lokale bevolking en tevens aan de schepen die om Afrika voeren naar en van de koloniën. Met het Suez-kanaal kwam daar grootdeels een eind aan. Nou was het lekkere klimaat toch nog wel aantrekkelijk voor mensen, die een hekel hebben aan grijze luchten, natte zomers en akelige winters. Buitenlanders dus en dan vooral Engelsen, die ontdekten het eiland weer. Dat werden de eerste toeristen en zakenlieden. Ze stichtten het eerste hotel, exporteerden Madeira wijn naar het verenigd Koninkrijk en er was een barmhartige Engelse dame, die ervan hield om te borduren en een handwerkschooltje oprichtte om vrouwen wat meer te doen geven als ze thuis kwamen van het rooien van de aardappels. Dat borduren groeide uit tot een industrie dat wereld bekend werd. Iers linnen en Engels draad en Madeireinse vrouwen kwamen op deze wijze bij-elkaar, waarbij de tussenhandelaars de centen opstraken.Van Wein, Weib und Gesang en borduren alleen word je niet rijk. Agrarische produkten hadden geen of minder afzet, gondstoffen zijn er niet ; er moest snel iets gedaan worden.

Exporteer mensen! Eerst naar de Portugese koloniën: na W.O.2 naar West Europa, Zuid-Afrika, Venezuela en Brazilië. En die vrouwen bleven maar doorborduren. De mannen stuurden wat geld of verdwenen voor goed óf, als het ze lukte sukses te hebben, kwamen met spaarcenten terug.

En zo bleven ze doorsukkelen.

Garçon

Ingezonden stuk door Rob Peters.

We hebben ons uiteraard beperkt tot het gros van de bevolking en uitzonderingen bevestigen de regel.
Het lijkt ons interessant om eens te zien hoe het staat tussen de oren van homo Madeirensis.

Als insulaire mensen hebben ze hun eigen ideeën over samenleving, hun manier van doen, gewoonten, tradities enz. enz.
Als buitenstaander is het dikwijls problematisch om vat te krijgen op vele dezer zaken, eerstens omdat ze hun eigen dialekt spreken, tweedens omdat ze argwanend zijn m.b.t. “vreemdelingen”(in de breedste zin des woords)
en derdens zich beperken tot de kleinst mogelijke gemeenschap ( de familie, de parochie, het stamcafé, de markt). We zullen ons dus maar beperken tot het maken van conclusies door oppervlakkige observatie van fenomenen.

Zoals gezegd, we zitten op een terrasje. Er komt een garçon die meteen al weet dat we geen inlander eilander zijn. Hij zal niet vragen wat we willen bestellen-hij zou niet weten in welke taal en hij weet vantevoren, dat hij geen Portugees moet verwachten. Dus houdt hij z´n bek. Strak smoel- geen glimlach, geen comunicatie. We proberen een biertje los te krijgen. Het is gelukt! Bedankt….Garçon vertrekt zonder een spier te vertrekken.

(wordt vervolgd)

Homo Madeirensis (2)

Ingezonden stuk door Rob Peters.

De Maderese vrouw ~~ dezelfde ADN.
Korter 1.55m. Brede schouders ~omtrek 1.50. Boord 54. Taille niet noemenswaard. Buik iets meer geprononcieerd dan bij de man met daarop rustend de volumineus borsten. Wel noemenswaard zijn de twee soorten profiel d.w.z. dat van de peren, dus met grote dikke achtersteven beneden de gordel doorlopend tot de knieën en de appels, dus rond van hals tot bovenbeen. Zowel de peren als de appels gaan meestal gekleed in lange trainingsbroek. Het is niet bekend of dit zo is om het verschil tussen de twee types te kenmerken óf om te laten blijken dat er aan sport wordt gedaan….Beide types staan er op om zoveel mogelijk te lijken op de alom bekende Michelin banden-pop en met de hedendaagse mode-trend een deel onder de navel ontbloot te houden. (De binnenband?)

Zowel de mannetjes als de vrouwtjes lopen- gedwongen door lichaamsbouw- ietwat als pingouins. Iets achterover gebogen (vanwege het gewicht van de buik) maar met het hoofd naar beneden gericht, dus niet vooruit kijkend. De verklaring hiervoor ligt waarschijnlijk in het feit dat wanneer je de berg op klimt of af gaat, je goed moet kijken waar je je voeten zet. Sommige sociologen verklaren, dat het te maken heeft met de visie op het leven d.w.z. uitzichtloos en triest. De armen kunnen niet vanaf de schouders verticaal naar beneden want die zijn té ontwikkeld en het torso laat dat óók niet toe. De onderarmen zwengelen dus vanaf de ellebogen zinloos heen en weer. Het doet ons denken aan “stoer lopen”.

(Wordt vervolgd)

Het begin

Ingezonden stuk door Rob Peters.

Madeira – oftewel “De Parel van de Atlantische Oceaan”. De naam van het eiland hebben we te danken aan de Portugezen toen ze zeshonderd jaar geleden tijdens een storm letterlijk “verzeild” raakten op de woelige golven van de oceaan. Ze waren op weg, of moeten we zeggen op zee, om via Marokko verder Zuidwaarts te reizen, zoekend naar een manier om China te vinden. Het eiland en de omgevende eilandjes waren niet bewoond. Ze konden het van verre af al zien, want na wat trigonometrie bleek de hoogste berg 1800m boven de zeespiegel uit te steken. Na een rondje waarbij ze eigenlijk alleen maar bomen zagen, en geen strand om te landen, bedachten ze de naam. Eureka! Madeira(hout).

De kapitein, ene meneer Zarco, liet een roeibootje neer en zette voet aan wal. Daarbij verstuikte hij zich bijna, want van een strand kon je niet spreken. Het was een plateautje van ronde rolling stones van allerlei afmetingen die het er niet makkelijker van maakten om landinwaarts te gaan. De pater aan boord moest er ook bij om een mis te verzorgen. Godzijdank hadden ze het totnutoe overleeft en konden ze meteen het gebied als ontdekt beschouwen en voor de koning (back home) eigen maken.

Er gingen wat tientallen jaren voorbij om het eiland enigszins leefbaar te maken en omdat tijd in die periode nog ruimschoots voorhanden was en er toch niemand was om boetes op te leggen, staken ze de hele boel maar in brand. Men zegt dat het vijftig jaar lang in lichtelaaie stond; een feest voor pyromanen. Gelukkig bleven ondanks alles, verscheidene inheemse planten en boomsoorten, nog uit de tijd van de Dinosaurus, behouden.

Uiterst langzaam werd het eiland Madeira en dat van Porto Santo bevolkt met misdadigers, piraten, pyromanen en ander gespuis maar even zo langzaam met edellieden, paters en nonnen. Een agrarische gemeenschap ontstond. Er werd wijn gemaakt. Geiten, varkens en kippen geïmporteerd. Met al het heen en weer varen van ontdekking schepen van en naar en om Afrika en uiteindelijk het verre Oosten –oh zo ver—kwam op een keer een schip dat wat suikerriet planten aanvoerde. Suiker werd een zeer gewild product in Europa. Madeira had het klimaat, de grond en de energie (hout dus)om suiker te maken. Je kon er, goedkoper dan met honing, dingen mee zoet maken of zelfs alcoholische dranken. Vandaar dat totnutoe de meeste Maderezen ver in het glas kijken, om te zien of er nog wat in zit.

Een andere meneer – geen Portugees –ene Columbus kwam een kijkje nemen. Bleef een jaar of wat in Porto Santo. Daar was wel een lekker strand en de dochter van de gouverneur was ook niet te versmaden. Het was een pientere vent en hij trouwde met het deerne, niet nadat hij op de theorie stuitte, dat de aarde rond was (dat kon hij zien vanaf het strand, want als de schepen wat verder over de horizon waren kon je de romp niet meer zien maar wel nog de zeilen ). En een jaar of wat later stak hij de stoute schoenen of laarzen aan en stak ook die oceaan over. Hij wist in welk seizoen hij moest vertrekken om de wind méé te hebben. Maar hij was wel te stom om het verschil tussen Chinezen en Indianen niet te zien Nog stommer waren de Portugezen die vrouwe Fortuna hadden laten ontsnappen.

(wordt vervolgd)